Waarvoor is dit
Een transect is een vaste route die je met een batdetector loopt, met telpunten waar je een vast aantal minuten luistert. In VeldApp wordt dat één veldbezoek met het formulier Vleermuistransect: per telpunt een waarneming met de gehoorde soorten als tags, en de gelopen route als looplijn. Deze werkwijze zet de stappen op een rij.
Voorbereiding op kantoor
- Zet op het web het formulier Vleermuistransect klaar met een tagsveld voor de soorten, zie Formulier en dataset maken.
- Maak per transect een veldbezoek aan of laat de veldwerker dat in de app doen. Geef het een herkenbare naam: Transect Zandhoven-Noord, ronde 1.
- Teken de route in Kaartstudio als lijn op een tekenlaag, dan ziet de veldwerker hem in de app.
In het veld

- Open het project, tik op Bezoeken en zoek het transect op naam.
- Maak het bezoek actief met het rondje.

- Zet routetracking aan zodra je bij het startpunt staat. De teller loopt; de looplijn wordt vanzelf vastgelegd.
- Met mijn locatie centreer je de kaart op jezelf.

- Zet op elk telpunt een waarneming met de plus. Achter Vleermuissoorten staat hoeveel je hebt gekozen.
- Tik de gehoorde soorten aan; de vaakst gekozen staan vooraan.
- Met Meer… zoek je een zeldzame soort of voeg je er een toe. Vul het aantal en het gedrag in en sla op.

- Zie je een vaste vliegroute, teken die dan als lijn via Vormen, Lijn. Zo blijft het onderscheid tussen een telpunt en een route zichtbaar.
Afronden

- Open het bezoek met het potlood, vul de eindtijd en het weer aan en tik op Veldbezoek opslaan.
- Sluit het bezoek met het slotje. De tracking stopt vanzelf.
Op het web staat het transect nu als veldbezoek met de looplijn op de kaart, de telpunten als waarnemingen en per telpunt de soorten als losse labels. Exporteer de waarnemingen als CSV voor de rapportage.
Tips
- Batterij: tracking en een verlicht scherm kosten stroom. Neem een powerbank mee voor een lange ronde.
- Loop je het transect met twee personen, laat dan één iemand tracken en de ander invoeren; beide zitten in hetzelfde bezoek.
- Hoor je op een telpunt niets, zet dan toch een waarneming met aantal 0 of de opmerking Geen activiteit; zo is de nulwaarneming vastgelegd.